Aminozuren (stikstofhoudende producten)
Aminozuren zijn de bouwstenen van eiwitten die mens en dier opnemen via de voeding. Er zijn miljoenen verschillende eiwitten, die we vinden in melk, vlees, veren, die allen uit dezelfde 20 verschillende aminozuren zijn opgebouwd.

Tryptofaan                                                     Lysine

Indeling van de aminozuren
Aminozuren hebben in de samenstelling van hun moleculen, zoals in hun naam vervat is, twee functionele groepen, namelijk de aminogroep (-NH2) en de carbonzuurgroep (-COOH). Een indeling is te maken naar zure-, basische- en neutrale aminozuren:
 

Neutrale

Zure

Basische

Alanine
Aspargine
Cysteïne/Cystine
Glutamine
Glycine
Hydroxypyroline
Isoleucine
Leucine
Methionine
Phenylanaline
Proline
Serine
Threonine
Tryptofaan
Tyrosine
Valine Asparginezuur
Glutaminezuur

Aspargine
Glutaminezuur

Arginine
Histidine
Lysine

 

Essentiële aminozuren
Niet alle aminozuren hebben voor het menselijke en dierlijke organisme dezelfde betekenis. Slechts tien van de bovengenoemde aminozuren zijn onontbeerlijk en moeten, vergelijkbaar met vitaminen, tezamen met het voer of water toegediend worden. Deze aminozuren worden essentiële aminozuren genoemd. Onderstaande tabel geeft weer welke de essentiële aminozuren zijn.

 

Essentiële aminozuren

Pluimvee

Varkens

Mens

Arginine
Histidine
Isoleucine
Leucine
Lysine
Methionine
Phenylalanine
Threonine
Tryptofaan
Valine

±
+
+
+
+
+
+
+
+
+

±
+
+
+
+
+
+
+
+
+

±
±
+
+
+
+
+
+
+
+

 

Niet-essentieel zijn: alanine, asparaginezuur, cystine, glutaminezuur, glycine, hydroxiproline, proline, serine en tyrosine.

De indeling naar essentiële en niet-essentiële aminozuren mag niet de indruk wekken dat de laatste groep niet noodzakelijk zou zijn voor het organisme voor de aanmaak van de eigen eiwitten. Het organisme is wel in staat deze zelf aan te maken of om te zetten. Daarvoor is echter een voldoende aanvoer van koolhydraten en geschikte stikstofverbindingen noodzakelijk.

Limiterende aminozuren
De eiwitsynthese is noodzakelijk voor de groei van een organisme. Hiervoor worden de nodige aminozuren aan elkaar gerijd volgens de genetisch vastgelegde volgorde. Hierbij worden zowel essentiële als niet essentiële aminozuren gebruikt. Is er nu echter in de samenstelling van de eiwitketen een aminozuur nodig dat niet in de “aminozuur-voorraad” aanwezig is, dan komt de eiwitsynthese tot stilstand. Wanneer het om een niet-essentiëel aminozuur gaat, is het lichaam nog in staat dit aminozuur aan te maken en de eiwitsynthese op die manier verder te laten lopen. Gaat het echter om een essentieel aminozuur, dan moet dit tesamen met het voer opgenomen kunnen worden. Gebeurt dit niet, dan “limiteert” dit aminozuur de eiwitsynthese. Een tekort aan limiterende aminozuren leidt ook tot een groot overschot aan niet-limiterende aminozuren, die via de mest en de urine uitgescheiden worden en de N-uitstoot naar het milieu toe verhogen. Bij de behoeftebepaling onderscheidt men eerst-, tweede- en daaropvolgende limiterende aminozuren. Bij gevogelte zijn meestal de zwavelhoudende aminozuren methionine en cysteïne eerstlimiterend. Bij varkens is dit lysine. Het maakt niet uit of de aminozuurbehoefte gedekt wordt via voedereiwit of aminozuur-toevoegingen. Deze laatste hebben het grote voordeel dat ze 100% verteerbaar zijn. Methionine, lysine, threonine en tryptofaan worden frequent aan mengvoeders en/of drinkwatersystemen toegevoegd. Zij verbeteren de biologische waarde van de via het voer geleverde eiwitten en verminderen het percentage eiwitten (stikstof ) nodig in het voer. De hoeveelheden die toegevoegd worden liggen tussen 0,01 en 0,4%.

Productie
Aminozuren kunnen op drie manieren geproduceerd worden:
 

opsommingsteken

synthetisch (chemisch): bv. methionine

opsommingsteken

via fermentatieve weg: bv. lysine, threonine, tryptofaan

opsommingsteken

door extractie uit gedenatureerde eiwitten

 

Voordelen van het toevoegen van aminozuren
Het toevoegen van aminozuren maakt het mogelijk om het eiwitgehalte van de voeders te verlagen, waardoor de stikstofuitscheiding en de urineproductie verminderen. De voerkosten kunnen hierdoor dalen en dierprestatie neemt toe.

Lijst van de belangrijkste aminozuren in de veevoeding


Methionine:

opsommingsteken

DL –methionine

opsommingsteken

N-hydroximethyl-DL-methionine-calcium-dihydraat.

opsommingsteken

Zink-methionine

opsommingsteken

Vloeibaar concentraat van DL-methionine-natrium

opsommingsteken

DL-methionine, technisch zuiver, beschermd met copolymeer vinylpyridine/styreen


Lysine:

opsommingsteken

L-lysine

opsommingsteken

Vloeibaar concentraat van L-lysine

opsommingsteken

L-lysine-monochloride

opsommingsteken

Vloeibaar concentraat vanL-lysine-monohydrochloride

opsommingsteken

L-lysinesulfaat en de bijproducten ervan, verkregen door gisting

opsommingsteken

L-lysinefosfaat en de bijproducten ervan, verkregen door gisting


Threonine:

opsommingsteken

L-Threonine


Tryptofaan:

opsommingsteken

L-tryptofaan

opsommingsteken

DL-tryptofaan


Mengsels
van vloeibare aminozuren worden op bedrijfsniveau steeds meer ingezet om de voeding en bedrijfsresultaten nog beter op elkaar af te stemmen.


« Terug naar uitleg voedingsstoffen